Clara, de eerste neushoorn in Nederland

door Agnita de Ranitz

Een roman op basis van gedegen historisch onderzoek. Het boek schetst een tijdsbeeld hoe de mensheid denkt over de natuur en de eerste stapjes zet in kennismaking met de soorten die er thuis zijn. Een ontdekkingsreis die eigenlijk nog maar net is begonnen, zo lijkt het. Het boek is uitgegeven door Uitgeverij de Brouwerij.

Als Douwe Mout in 1740 kapitein wordt op een VOC-schip en daarmee in Bengalen arriveert, verandert zijn leven op slag als hij oog in oog komt te staan met een jonge neushoorn. Hij besluit het dier mee te nemen naar De Nederlanden, maar heeft geen idee wat hij zich daarmee op de hals haalt.

Bij een bevriende drukker in Leiden laat hij affiches maken om betalende bezoekers naar kermissen en jaarmarkten te trekken. Nieuwsgierigen stromen toe om het in die tijd nog onbekende dier te bewonderen. Geleerden bestuderen haar nauwkeurig en kunstenaars raken gefascineerd door elke plooi.

Al gauw blijkt dit voor Douwe een lucratieve bezigheid en neemt hij ontslag bij de VOC. Dan wordt het ook tijd om de grens over te trekken. Behalve boeren en burgers maken ook bepruikte en geparfumeerde edellieden en vorsten hun opwachting bij het monstrueuze dier. Zo reist Douwe Mout zeventien jaar lang met Clara door Europa en wordt de neushoorn een hype, een fenomeen dat je gezien moet hebben.

_____

Schilderij door Jean-Baptiste Oudry, 1749.

Clara (1738 – 1758) was een vrouwelijke Indische neushoorn die in het midden van de achttiende eeuw vanwege een zeventien jaar durende tentoonstelling door heel Europa beroemd werd. Zij betrad in 1741 in Rotterdam het Europese land en werd hiermee de vijfde levende neushoorn in Europa sinds Dürers Rhinocerus in 1515 (bron: Wikipedia)

Bibliografie

Ranitz, A. de (2022) Clara, de eerste neushoorn in Nederland. Maassluis: Uitgeverij de Brouwerij.

De gave van Gauguin

Wat hebben kunstenaars en bestuurders gemeen? Op het eerste gezicht niet zoveel, althans in de meeste gevallen. Maar bij het lezen van het boek Dat kan mijn kleine zusje ook door Will Gompertz (voormalig directeur Tate Gallery), dat handelt over begrip voor moderne kunst (met als startpunt de impressionisten), blijkt toch een verrassende parallel. Wij citeren (p. 89):

“Wat hij (Paul Gauguin, red.) wél bezat – en wat  alle grote kunstenaars bezitten – was het vermogen om op een unieke manier universele ideeën en gevoelens over te brengen. Om daartoe in staat te zijn moet het talent van het individu meestal de tijd krijgen om een eigen, herkenbare stijl te ontwikkelen. Als dat eenmaal gebeurd is en de schilder zijn of haar eigen stemgeluid gevonden heeft, kan er een gesprek met de toeschouwer plaatsvinden. Er worden dan aannames mogelijk en er kan een relatie ontstaan. Gauguin bereikte dat stijlkenmerk in een opmerkelijk korte tijd, en dat bewijst zijn vakbekwaamheid en intelligentie.”

De snelle oriëntatie, het ontwikkelen van de eigen stijl, het eigen authentieke stemgeluid vormgeven zijn de gaven van Gauguin. Zij komen overeen met wat goede bestuurders in de relatief korte bestuursperioden van vier jaar ook te doen hebben. Net als hebben zij beperkte tijd om te binden met hun omstanders, burgers, bedrijven en instellingen, eigenlijk met de samenleving. Wat Gompertz hier schrijft zou hij ook geschreven kunnen hebben voor bestuurders.

Waar ligt de kern van de gave van Gauguin? Gompertz licht op p.86 een tipje van de sluier op – een deel aan de hand van La Vision après le sermon (1888), te zien op de afbeelding hierboven – wat het volgens Gauguin zelf was:

“Hij (Paul Gauguin, red.) was tot de conclusie gekomen dat het de impressionist aan intellectueel doorzettingsvermogen ontbrak. Ze konden niet verder kijken dan de werkelijkheid zich voor hun ogen ontrolde. Hun rationalistische kijk op het leven beroofde hun schilderijen van de belangrijkste ingrediënt: verbeeldingskracht.”

Paul Gauguin is een verrassende en inspirerende leermeester voor bestuurders en managers: verbeeldingskracht als gave en factor voor het leggen van verbindingen. Zeker met de grote maatschappelijke en infrastructurele veranderingen inzake klimaat, biodiversiteit, energie (et cetera) voor ons is dit een eigenschap met doorslaggevende betekenis. Het creëert stimulerende kaders en dus draagvlak voor verandering.

* Will Gompertz (2012), Dat kan mijn kleine zusje ook: Waarom moderne kunst kunst is. Meulenhoff, Amsterdam, 464 pp.

Identiteit

Paul Verhaeghe onderzoekt in Identiteit (2012) de effecten van dertig jaar neoliberalisme, vrijemarktwerking, privatisering en de relatie tussen de maakbare samenleving en onze identiteit. Wie wij zijn wordt zoals altijd bepaald door de context waarin wij leven. Die context bepaalt op dit moment: wie geen succes heeft zal ziek zijn.

Paul Verhaeghe: “Maatschappelijke veranderingen hebben gezorgd voor een veranderd ik-gevoel.

De dwang tot succes en geluk blijkt een keerzijde te hebben: het leidt tot verlies van zelfbesef, tot desoriëntatie en vertwijfeling. De mens is eenzamer dan ooit. De liefde is moeilijk te bereiken en betekenisvol leven is diepgaand problematisch geworden.”

“Ik doe een poging om het daarbij aansluitende mensbeeld, de spiegel die ons omringt, onder worden te brengen (p. 116):

Mensen zijn competitieve wezen die vooral uit zijn op hun eigen profijt. Op maatschappelijk vlak is dat in het voordeel van ons allemaal, want iedereen zal in die competitie zijn uiterste best doen om aan de top te geraken. Daardoor krijgen we betere en goedkopere producten in combinatie met een efficiëntere dienstverlening binnen een één gemaakte vrije markt, zonder inmenging door de overheid.

Dit is ethisch correct, want het slagen of mislukken van een individu in die competitie hangt volledig af van diens eigen inspanningen. Iedereen is bijgevolg zelf verantwoordelijk voor het eigen succes of falen. Vandaar het belang van onderwijs, want onze wereld is een razendsnel evoluerende kenniseconomie die om hoogopgeleide mensen met flexibele competenties vraagt. Eén hoger-onderwijsdiploma is goed, twee is beter en levenslang leren een must. Iedereen moet blijven groeien. Immers de competitie is bikkelhard. Vandaar ook de dwingende noodzaak aan functioneringsgesprekken en constante evaluaties, die alles geleid door de onzichtbare hand vanuit een centraal management.

Dit is de korte samenvatting van het grote verhaal dat vandaag de dag onze cultuur beheerst en dat bijgevolg onze identiteit vormt. Cultuur kunnen we het best begrijpen in de ruime betekenis, want dit verhaal heeft ondertussen alle sectoren ingenomen, van wetenschap via onderwijs tot de zorgsector en de media. Ik herinner er nog even aan dat identiteit ook onze normen en waarden bevat en bijgevolg de verhouding tegenover anderen bepaalt.”

“Loon naar werken in naam van de vrijheid (GC p. 118):

Het woord ‘meritocratie’, door Scott Belsky van Adobe deze week nog als thema centraal gesteld in hun nieuwe website Behance tijdens hun wereldwijde congres), was tot voor kort vrij onbekend, in tegenstelling tot de onderliggende gedachte waarmee zo ongeveer iedereen opgevoed is: loon naar werken; iedereen krijgt wat hij verdient; boontje komt om zijn loontje, zoals men zaait, zo zal men oogsten, enzovoort…

De macht (kratos) dankzij de inzet, de verdienste (merit)…

De versmelting van vrijheid en loon naar werken heeft gezorgd voor een kantelpunt, waarna we het beste kunnen spreken van een ‘neoliberale meritocratie’. Het belang van dat kantelpunt kunnen we afwegen aan de gevolgen. Binnen de kortste keren valt de sociale mobiliteit stil, ontstaat er een groeiende kloof tussen onder- en bovengroep en moeten vrijheid het veld ruimen voor een veralgemeende paranoia.”

Interview Paul Verhaeghe in Brands met Boeken.

Uitgegeven door De Bezige Bij, Amsterdam

Maatschappelijke zorgplicht: verplicht

Het duurt té lang voor ondernemingen welzijn boven winst gaan stellen. Daarom moet een maatschappelijke zorgplicht in de wet verankerd worden. Dat zegt Leen Paape in zijn afscheidsrede als hoogleraar Corporate Governance bij Nyenrode.

Als je om je heen kijkt, zie je dat in Nederland de samenleving aan veel kanten vastloopt, aldus Paape. Energie, klimaat, zorg, onderwijs, de Belastingdienst, stikstof, pfas, migratie. En dan komt daar nog de oorlog in Oekraïne bij. Hij ziet dat er fundamentele veranderingen nodig zijn.

Afscheidsrede Leen Paape.

“Nyenrode is in 1946 opgericht om het land te helpen opbouwen. Die mooie missie hebben we als samenleving goed gerealiseerd. Maar ergens zijn we zo zelfvoldaan van het pad afgeraakt dat er nu heel veel is vastgelopen”, zegt Paape. “Wat ik zou willen zien, is dat bedrijven hun maatschappelijke verantwoordelijkheid méér gaan nemen. Ondernemingen krijgen hun license to operate van ons als maatschappij. In mijn ogen hebben ze daarom een maatschappelijke zorgplicht: zorgen voor maatschappelijk welzijn op de lange termijn. En daarbij rekening houden met ieders belangen. En als je dat echt goed wilt doen, kijk je 7 generaties vooruit.”

We hebben nieuwe doelen nodig

“Sinds de Tweede Wereldoorlog staan groei en winst centraal in ons denken. Nu we zien dat er zo veel vastloopt, is het tijd om opnieuw te kijken naar onze doelen. Want die bepalen wat we doen. Zo lang het doel uitsluitend winst maken is, komen de bestrijding van de klimaatcrisis en het tegengaan van polarisatie in de samenleving minder goed van de grond. Dit gesprek moeten we dus wel met elkaar aangaan! Als samenleving zullen we niet meer uitsluitend moeten streven naar welvaart in materiële zin, maar juist ook naar welzijn. Dat is ingewikkeld. Maar ook nodig!”

Paape noemt 10 redenen voor de zorgplicht:

    1. De veranderende opvattingen over de wet geven richting (wat mij betreft).
    2. Daar komen dan nog codes, (internationale) regelgeving en akkoorden bij.
    3. Values en principes van uw eigen onderneming spreken al voor zich, nietwaar?
    4. Stakeholders hebben er niet alleen recht op, ze vragen er ook om.
    5. De theorie wijst u – inmiddels – ook in de goede richting.
    6. Institutionele beleggers verlangen het van u.
    7. Gerechtelijke uitspraken onderstrepen het belang ook nog eens.
    8. De filosofen en de ethiek verlichten uw pad.
    9. Spirituele en religieuze overwegingen geven u wellicht nog het op één na laatste zetje.
    10. Last but not least, u heeft vast dierbaren die u een betere wereld gunt, toch?

“Voor wie schreef ik deze afscheidsrede eigenlijk? In het begin zei ik dat het voor ondernemers bedoeld was. Mijn conclusie nu is dat ik het vooral schrijf voor de politiek. Maar ja die politiek, dat zijn wij allen. We moeten dus ook nu in gezamenlijkheid de trom slaan en zorgen dat de politiek beweegt. Die trom heb ik dan nu geslagen door langs 10 overwegingen redenen aan te voeren waarom die maatschappelijke zorgplicht een onvermijdelijkheid is en dus ook geen vraag meer zou mogen zijn.”

– Leen Paape, Nyenrode, 8 december 2022

Lees meer op Nyenrode Univsersity

Fascinerend Leven

Dit boek is geeft een bijzonder overzicht van de verschillende denkwijzen en opvattingen hoe tegen ecosystemen aan te kijken. Het verrijkt de inzichten die passen bij de missie van de stichting. Het is geschreven en samengesteld door Johan van Braeckman* en Linda van Van Speybroeck* en wordt uitgegeven door Academia Press.

Het geeft op zeer gedegen wijze aan welke opvattingen en inzichten inzake natuur en haar wetenschappen doorheen de jaren er zijn geweest en bundelt perspectieven op behoud en ontwikkeling van natuurlijke ecosystemen. Het voedt de gedachten over integrale publieke sturing.

De voorbije decennia is de aandacht voor biologie, zowel in de wijsbegeerte, de geschiedenis als in andere disciplines, sterk gestegen. De biologie wordt nu al de wetenschap van de 21ste eeuw genoemd. De filosofie van de biologie werd een volwaardige wijsgerige discipline en belangrijke biologen en wetenschapshistorici gaven de geschiedenis van de biologie de plaats die ze verdient.

Fascinerend leven: Een geschiedenis van de biologie bundelt 22 teksten over telkens één of meerdere kernfiguren: van Aristoteles en Galenus tot Charles Darwin en Francis Crick; van René Descartes en Gregor Mendel tot Niko Tinbergen en Rachel Carson. Aandacht gaat uit naar de ontwikkeling van hun natuurwetenschappelijk denken en hoe zich dit verhoudt ten opzichte van de toen heersende denkbeelden. Vier wetenschappers reflecteren tot slot over het heden en de toekomst van de biologie.

*De samenstellers van dit boek delen een gemeenschappelijke belangstelling voor zowel de wetenschappelijke, filosofische als historische aspecten van de biologie. Lien Van Speybroeck behaalde een doctoraat aan de Universiteit Gent met een proefschrift over de filosofische aspecten van de epigenetica. Johan Braeckman specialiseerde zich in Charles Darwin en de evolutietheorie, en doceert onder meer geschiedenis van de biologie aan de Universiteit Gent.

Artikel door Jack Kruf

Wild design

Dit boek is een bron van inspiratie. Het is geschreven en samengesteld door Kimberly Ridley en is uitgegeven door Princeton Architectural Press. Het geeft op zeer beknopte wijze aan welke universele patronen in de natuur kunnen worden aangetroffen en welke taal de natuur spreekt. Het moedigt aan naar buiten te gaan en de wereld te ontdekken.

Wild Design onthult de wonderen van de natuurlijke wereld zoals nooit eerder gezien, door middel van de prachtige, buitengewone en functionele vormen gemaakt door dieren, planten en andere organismen overal om ons heen.


Kunst en wetenschap lopen mooi in elkaar over in deze fascinerende verkenning van structuren en vormen die in de natuur voorkomen, verteld door middel van levendige essays en meesterlijke vintage illustraties. Verlies jezelf in de betoverende microscopische “glazen” omhulsels van juweelachtige diatomeeën. Ga op in de mysterieuze ondergrondse schimmelnetwerken die het grote ontwerp van bossen vormgeven. Ontdek de verrassend ingewikkelde en gevarieerde nesten van vogels.

Wild Design herinnert ons eraan dat opmerkelijke fenomenen overal om ons heen voorkomen – we moeten alleen weten hoe we ze kunnen vinden.

Structuurverandering publiek domein

Jürgen Habermas

In dit klassieke werk uit 1962 en in het Nederlands uitgegeven in 2015 door Boom Uitgevers, ontwikkelt Duits filosoof en socioloog Jürgen Habermas* zijn theorie over het publieke domein. Volgens Habermas is dit een ruimte waarbinnen rationele discussies kunnen worden gevoerd, vrij van inmenging van de staat en andere dwingende machten.


Habermas beschrijft hoe deze sfeer zijn opgang deed in de bourgeoismaatschappij van de achttiende eeuw, toen koffiehuizen en salons het toneel werden van discussies over sociale en politieke vraagstukken.

De druk van het kapitalisme, massamedia en het totalitarisme op het publieke domein
In latere jaren kwam het publieke domein steeds verder onder druk te staan door de toegenomen rol van het kapitalisme en de daarbij horende nadruk op het eigenbelang. Vervolgens werd het steeds verder uitgehold door de massamedia, de opkomst van het totalitarisme de vervagende grenzen tussen het private en de staat.

Van pessimisme naar oplossing
Na het ontvouwen van dit pessimistische perspectief biedt Habermas de weg naar een oplossing: een machtsvrije wijze van communicatie. De structuurverandering van het publieke domein staat daarmee aan de basis van zijn latere, invloedrijke werk.

Bibliografie

Habermas, J. (2015) De structuurverandering van het publieke domein. Amsterdam: Boom Uitgevers (Oorspronkelijke titel: Strukturwandel der Öffentlichkeit. Vertaling: Jabik Veenbaas)

Afbeelding van de auteur: door Wolfram Huke, http://wolframhuke.de – Verplaatst vanaf en.wikipedia naar Commons door ojs., CC BY-SA 3.0, https://commons.wikimedia.org/w/index.php?curid=3546577

*Jürgen Habermas is een van de laatste nog levende grote filosofen van de twintigste eeuw. Hij is emeritus hoogleraar filosofie in Frankfurt en ontving vele prijzen, waaronder in 2013 de Erasmusprijs.

Zijn werk is internationaal van grote invloed en wordt door een breed publiek gelezen. Bij Uitgeverij Boom verschenen van zijn hand De nieuwe onoverzichtelijkheid (1989), Geloven en weten (2009). Een toekomst voor Europa (2013) en Over democratie (2020).

Dienen en Deugen

René Weijers

Bestuurders en topmanagers staan dagelijks in het brandpunt van de maatschappelijke aandacht. De verwachtingen over hun functioneren zijn terecht hooggespannen. Vaak is die aandacht niet positief en domineren de incidenten in de berichtgeving: dwalen, falen en schandalen voeren de boventoon. De vraag is of dit recht doet aan de pluriforme werkelijkheid van bestuur en topmanagement.

Dienen en Deugen bekijkt bestuurders daarom vanuit een andere invalshoek: wanneer gaat het goed en waarom gaat het goed? Veel topbestuurders weten met hun organisatie waarde te creëren. Ze leveren een bijdrage die er toe doet. Het blijkt dat goede topbestuurders niet alleen bekwaam zijn, maar ook deugdzaam. Zij dienen door effectief om te gaan met complexiteit en deugen door tegelijkertijd te varen op een moreel kompas.

Bestuurlijke vraagstukken over strategie, leiderschap en verandering zijn dermate complex dat ze alléén met gestapelde intelligentie niet klein te krijgen zijn. Slimheid kan zelfs ontaarden in bedrog en fraude. Daarom is er ook een ander bestuurlijk repertoire noodzakelijk. Daarin voorziet het perspectief van klassieke en alledaagse deugden met een appèl op wijsheid, moed, matigheid en rechtvaardigheid. De verbinding tussen ‘weten’ en ‘geweten’ blijkt cruciaal. Deugden zijn een bron van zin en betekenis.

Bestuurlijke opgaven zijn doorgaans geen enkelvoudige puzzels die zich met een simpele redenering laten oplossen. Vaker gaat het om dilemma’s, paradoxen en ‘venijnige’ kwesties. Bekwame bestuurders kunnen omgaan met dit verbonden vlechtwerk van soorten problemen. Ze weten een begaanbaar pad te vinden in een complexe en onvoorspelbare werkelijkheid. Daarvoor zijn overzicht, inzicht en timing belangrijke kwaliteiten. Bestuurders die dit kunnen, positioneren zichzelf niet als een traditionele held of een solistische redder in de nood met uitzonderlijke kwaliteiten. Eerder getuigen ze van respect voor de inzichten en opvattingen van anderen en gaan daar actief naar op zoek.

In dit boek staan tien openhartige ontmoetingen met bestuurders centraal. In combinatie met een literatuurstudie en de jarenlange ervaring van de auteur als bestuursadviseur, bieden de gesprekken een intrigerend kijkje achter de schermen van topbestuur.

Een promotieonderzoek stond aan de basis van dit boek. Dienen en Deugen biedt stof tot nadenken aan de bestuurstafel. Boeiend materiaal voor bestuurders, directeuren, commissarissen en toezichthouders. En zeker een aanrader voor professionals onderweg naar de top.

One image, two traits

I caught this two traits of humanity into this one image. I thought a lot of it actually how to express my thoughts in this strangely destructed part of the forest. Tears came into my eyes, to see a bunch of beeches been cut off in this way. I asked myself, as ecologist, forester, walker, human being: why?

© Jack Kruf (2021) One image, two traits [fine art print]. Breda: Private collection.
At the same time a plane, so high in the sky. Humanity has produced this advanced peace of technique of sailing upon air. Wow. For now, it showed me that humanity has two sides of its same coin. Two traits, actually. Going forward, and going backwards. That of progress and regress. Development and destruction.
I wondered, as watcher of the skies (thanks Genesis), what on this picture the ‘traits of humanity’ are, which actually meet. Quite a moment during my walk in the forest.

Climate Book

We still have time to change the world. From Greta Thunberg, the world’s leading climate activist, comes the essential handbook for making it happen. It is published by Allen Lane, Penguin Random House.

You might think it’s an impossible task: secure a safe future for life on Earth, at a scale and speed never seen, against all the odds. There is hope – but only if we listen to the science before it’s too late.

In The Climate Book, Greta Thunberg has gathered the wisdom of over one hundred experts – geophysicists, oceanographers and meteorologists; engineers, economists and mathematicians; historians, philosophers and indigenous leaders – to equip us all with the knowledge we need to combat climate disaster.

The crisis cannot be addressed, she writes, without talking about ‘morality, justice, shame, responsibility and guilt’

Alongside them, she shares her own stories of demonstrating and uncovering greenwashing around the world, revealing how much we have been kept in the dark. This is one of our biggest challenges, she shows, but also our greatest source of hope. Once we are given the full picture, how can we not act? And if a schoolchild’s strike could ignite a global protest, what could we do collectively if we tried?

We are alive at the most decisive time in the history of humanity. Together, we can do the seemingly impossible. But it has to be us, and it has to be now.

“One phrase from entomologist Dave Goulson seems to summarise all 464 pages: “It is not quite too late.” Emphasis on the quite.”

The last quote is from the Professor of Biology at University of Sussex, specializing in bee ecology, in the essay The Climate Book, created by Greta Thunberg review – an angry call for action by  for the Guardian.

Wild life

Ladybugs, dogs, owls, otters: Charley Harper’s geometric illustrations are more than a source of delight. With a never-ending curiosity for the natural world, especially for wildlife and flora, Harper developed a unique style that influenced generations of artists and designers.

Wild Life: the life and work of Charley Harper, published by Gestalten, celebrates the centenary and legacy of Charley Harper, a master of midcentury American illustration: a vast collection of works originally created as posters, magazine covers, murals, and more.

Compiled by design writer Margaret Rhodes and the artist’s son, Brett Harper, this definitive monograph offers a glimpse into Harper’s creative universe and considers him anew in different contexts: as a student, a professional artist, a husband, an honorary naturalist, and a conservationist.

Telling the story of his life and of his masterpieces, Wild Life is essential for enthusiasts of the American master and for anyone interested in midcentury visual culture.

Only Planet

DKlimaatgids voor de 21e eeuw is samengesteld door Tim van Hattum, programmaleider klimaat aan de Wageningen University & Research. Het is een uitgave van Bertram + de Leeuw.

Het is een gids vol ideeën voor actie op het gebied van klimaat. Het etaleert dat veel van wat wij nodig hebben aan technieken om te veranderen in feite beschikbaar is. Vraag die opkomt bij het lezen: als wij alle kennis en kunde in huis hebben, waarom zijn wij collectief dan zo lethargisch, gelaten, afwachtend en doen wij zo weinig om de wenteling op te pakken door te voeren?

De auteur over het boek:

“We staan aan het begin van de avontuurlijkste reis die de mensheid ooit zal maken. Een reis naar een groenere toekomst voor onze planeet, de ‘only planet’ die we hebben. Klimaatverandering én het verlies aan biodiversiteit zijn de grootste uitdagingen van onze tijd. We worden de laatste jaren steeds vaker overspoeld met doemscenario’s en beelden van overstromingen, extreme droogte en bosbranden. Maar er is geen tijd om te wanhopen. Het is tijd voor actie.

Het goede nieuws is dat de meeste oplossingen om klimaatverandering aan te pakken al beschikbaar zijn. De belangrijkste oplossing is om onze samenleving meer in balans te brengen met de natuur. Als we beter gaan samenwerken met de natuur én op grote schaal slimme technologie inzetten, ziet onze toekomst er weer hoopvol uit. Dit boek neemt je – in zeven routes – mee op reis naar inspirerende voorbeelden in de wereld en laat zien dat die transitie al volop in beweging is.

Deze klimaatgids boordevol oplossingen voor de 21ste eeuw inspireert je om mee te bouwen aan een hoopvolle toekomst.”

De gids is een oproep met zeer goed onderbouwde kennis op feiten, routes en oplossingen. Het boek kan en zal stimuleren. Overzicht is fijn. Het is in die zin om blij van te worden omdat de auteur laat zien hoe wij grip kunnen krijgen door het heft in handen kunnen nemen. De vraag is wie doet wat daarbij.

Wageningen Climate Solutions

Wat in de gids onderbelicht blijft is hoe de noodzakelijke acties in de wereld van politiek-bestuurlijke dynamiek daadwerkelijk in gang kunnen worden gezet. De public governance voor de in het boek genoemde acties en daarbij het opheffen van blokkades vragen om uitwerking. Welke maatschappelijke, economische en financiële mechanismen met hun feed-back-loops kunnen daadwerkelijk op korte termijn in werking worden gezet. Een hoofdstuk over private  én politiek-bestuurlijke sturing zou de gids zeer completeren.