Birches in Storm

‘Birches in Storm’ door Paul Oscar Droege (1930)

Deze prachtige houtsnede zegt het voor mij allemaal. De zucht waaronder Amerika gebukt gaat krijgt nu ook vorm door de Environmental Protection Agency (EPA), opgericht door Nixon (misschien wel zijn enige echte goede besluit) aan te pakken (zie New York Times) Waar mogelijk ontmantelen en beleid en financiering stopzetten.

De bomen kraken. En dat is een indicator voor storm. Maar bomen zijn wijs, net als bossen en samenlevingen. Zij hebben intrinsieke weerstand omdat zij zijn wie ze zijn geworden door weer en wind en schade en schande.

Ik dacht: als de overheid of de politieke leiders niet willen, dan maar over een andere boeg: zelf als burger of bedrijf participeren (via stichtingen, verenigingen of coöperatieven) in grondaankoop voor natuurontwikkeling en ecologische landbouw. Deze houtsnede inspireert.

The Forest in Winter at Sunset

‘The Forest in Winter at Sunset’ door Théodore Rousseau (gemaakt tussen 1846–1867)

Dit monumentale bosgezicht, ongeëvenaard door zijn schaal en ambitie, is gestart vroeg in Théodore Rousseau’s carrière. Het was bij zijn dood nog niet voltooid, ondanks de aansporing van Jean-François Millet en andere bevriende kunstenaars om het te voltooien en tentoon te stellen.

Naar verluidt was het Rousseau’s bedoeling om het effect na te bootsen van een zonsondergang die hij in december 1845 had gezien in Bas-Bréau, een deel van het bos van Fontainebleau.

De wirwar van bomen, ontdaan van gebladerte en doordrenkt met diepe kleuren, brengt een gevoel van ontzag voor de natuur over dat wordt versterkt door de aanwezigheid van twee boeren in het midden.

Het schilderij is een ode aan het bos omdat dit het netwerk toont dat het bosecosysteem in feite is.

Snow Scene in the Black Forest

‘Snow Scene in the Black Forest’ door Carl Friedrich Wilhelm Trautschold (1815 – 77), London: Victoria & Albert Museum.

Het Zwarte Woud is home territory voor mij. Ik heb er gewerkt als bosarbeider én gestudeerd vanuit Wageningen University.

Als je een jaar in het bos rondloopt, voel je als het ware waarom de bomen staan waar ze staan. Je voelt de aantrekkingskracht van het licht, de kracht en rijkdom van de bosbodem en de invloed van weer en wind. Het bos is net als de samenleving. Er zijn vele parallellen. Ik weet van mijn professor Roelof Oldeman, dat het bos altijd op weg is naar zichzelf, naar de eigen ziel. Dat is de samenleving ook.

Wat een prachtige plek in het bos. Ik was er. Koud was het.

Wooded Landscape in Snow

‘Wooded Landscape in Snow’ door Ludvig Munthe (1870)

Het is het avontuurlijke dat in ons wordt losgemaakt als we onze tocht door het bos voortzetten. De ontdekking drijft ons. Spannend wordt het wel.

Maandag a.s. is zo’n dag die lijkt op dit schilderij. De ingang tot een erg donker deel van het bos. Wat staat ons te wachten? Wat komen wij tegen? Waar leidt het pad ons heen? En welke trollen, kobolten en andere snoeshanen komen wij tegen? Het bos en de natuur biedt veel metaforen met onze eigen gang en die met de samenleving.

Forest light Painting

‘Forest light Painting’ door Darren Carey

De magie van het bos is groot als bundels van zonlicht tot de bosbodem reiken en ons pad verlichten. In mythen, sagen en gedichten zijn zij bezongen.

Mijn professor Roelof Oldeman verwoordde, op één van onze laatste tochten samen, het als volgt: “Het bos is een unieke bouwsteen in het imperium van de zon. Laten wij haar met rust laten. Zij is onderweg naar zichzelf. Zij zoekt haar ziel.”

Daar zaten wij dan, onder het kronendak. De zonnestralen verwarmden ons. Opgenomen in de magie van het bos en deel van het universum.